Vragen naar de bekende weg?

Vragen worden in de Kamer niet alleen gesteld om iets te weten te komen. Soms stellen Kamerleden vragen met een ander doel, zoals onlangs gebeurde bij vragen over de ontpoldering van de Hedwigepolder in Zeeuws-Vlaanderen. Esther Ouwehand (Partij voor de Dieren) leek naar de bekende weg te vragen, maar deed het bewust.

Niet minder dan 2552 schriftelijke vragen stelden de Tweede Kamerleden vorig jaar. Het vragenrecht is – samen met recht van interpellatie, enqûeterecht en budgetrecht – een van de belangrijkste middelen voor de Kamer om de regering te kunnen controleren. Ze vallen allemaal onder het recht van informatie.

Soms vragen Kamerleden naar de bekende weg. Vaak met het doel om een minister of staatssecretaris nog eens te laten bevestigen wat hij in de Kamer al heeft gezegd. Dat gebeurde onlangs door Esther Ouwehand (Partij voor de Dieren). Die partij is voor ontpoldering.

Het nieuwe kabinet wil – ondanks dat het vorige besloot tot ontpoldering- zoeken naar alternatieven. In de Tweede Kamer zei staatssecretaris Henk Bleker (ELI) op 8 november 2010 geen nieuw onderzoek te willen doen. Louter en alleen bestaande documentatie zou met een andere politieke bril bekeken worden. Ouwehand was dan ook zeer verbaasd dat Bleker in een interview met de PZC zei dat hij onderzoeksinstituut Deltares het idee van de Zeeuwse waterschappen laat uitwerken tot een serieus alternatief (waarmee hij dus ook zei dat het nu geen alternatief is). Ouwehand stelde naar aanleiding van de artikelen in de PZC Kamervragen. Ze vraagt erin naar de bekende weg, maar doet dat bewust. Om nog eens bevestigt te krijgen dat Bleker in de Kamer heeft gezegd dat hij geen nieuw onderzoek zou laten doen. Daarmee worden Kamervragen een middel in het politieke spel. “U heeft dit gezegd, maar u doet anders…”

Let eens op: het stellen van gesloten vragen werkt nogal hilarisch. 

Geachte Voorzitter,

Hierbij stuur ik u de antwoorden op vragen van het lid Ouwehand (PvdD) over nieuw onderzoek door een extern bureau naar een alternatief voor de ontpoldering van de Hedwigepolder (ingezonden 13 december 2010).

1. Is het waar dat u door kennisinstituut Deltares nieuw onderzoek laat uitvoeren naar een alternatief voor de ontpoldering van de Hedwigepolder? 1) Zo ja, waarom moet de Kamer dit uit de krant vernemen? Zo nee, hoe zit het dan?

Ja. Ik beschouw dit als invulling van de afspraak terzake in het Regeerakkoord (zie ook vraag 7).

2. Wat zijn de geraamde kosten die het kennisinstituut Deltares in rekening zal brengen bij het ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie (EL&I) en/of Infrastructuur en Milieu (I&M)? Ten laste van welk ander budget zullen deze kosten komen, gelet op het feit dat in de begroting voor 2011 geen posten zijn opgenomen voor dergelijk onderzoek?

Deltares moet nog een kostenraming voor dit onderzoek maken. De kosten zullen worden gedekt uit de op de begroting van EL& I beschikbare middelen voor natuurherstel Westerschelde.

3. Herinnert u zich uw antwoord op eerdere vragen over de kabinetsplannen ten aanzien van het opnieuw zoeken naar een alternatief voor de ontpoldering van de Hedwige, tijdens het Wetgevingsoverleg Natuur op 8 november jongstleden?

Ja.

4.Herinnert u zich dat u de Kamer tijdens dit Wetgevingsoverleg heeft gezegd dat de zoektocht zou bestaan uit het doornemen van alle documenten, dossiers en onderzoeken die er zijn door mensen van de departementen ELI en I&M, aangevuld met overleg met de waterschappen en provincies?

Ja.

5. Herinnert u zich dat u de Kamer in het genoemde overleg heeft voorgehouden dat de kosten voor het zoeken naar een alternatief voor het ontpolderen van de Hedwige louter zouden bestaan uit de inzet van de mensuren bij de betrokken departementen en overheden?

Ja.

6. Kunt u uitleggen hoe het aangekondigde onderzoek door een extern bureau zich verhoudt tot uw eerdere antwoorden op vragen uit de Kamer over de zoektocht van het kabinet naar een alternatief voor de ontpoldering van de Hedwigepolder?

Op basis van nadere bestudering van de problematiek ben ik tot de conclusie gekomen dat het ontwikkelen van een alternatief voor de Hedwigepolder specifieke technische expertise vraagt die binnen mijn departement niet beschikbaar is. Daarom heb ik het kennisinstituut Deltares ingeschakeld.

7. Heeft u kritiek op het werk of het beoordelingsvermogen van de commissie Nijpels? Zo nee, waarom laat u dan opnieuw onderzoek uitvoeren naar een alternatief dat door deze commissie reeds uitvoerig is onderzocht en als niet-reëel is beoordeeld? Zo ja, hoe luidt deze kritiek precies?

Nee. In het Regeerakkoord is het volgende gesteld: ‘Nu de verdieping van de Westerschelde is afgerond, wordt er in overleg met Vlaanderen een alternatief ontwikkeld voor de ontpoldering van de Hedwigepolder in Zeeuws-Vlaanderen. Daarbij wordt ook gedacht aan de plannen die eerder door de Zeeuwse waterschappen zijn ontwikkeld.’ Met de uitvoering van het onderzoek geef ik invulling aan deze afspraak in het Regeerakkoord.

De Staatssecretaris van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie,

dr. Henk Bleker

Advertenties

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Algemeen

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s